Archief

Archive for februari, 2012

Interactie lichaam en geest

21 februari 2012 Plaats een reactie

Het gaat stap voor stap beter met mij. Ik kan nu zonder al teveel pijn ongeveer 2 km. wandelen, het zitten gaat beter en mijn bekkenbodem voelt op momenten duidelijk meer ontspannen aan. Het zijn maar korte momenten en kleine stapjes, maar ik ben er blij mee.  

Screeningsdag St. Maartenskliniek

Afgelopen week ben ik naar de St. Maartenskliniek geweest voor de screeningsdag. Ik heb 6 verschillende therapeuten, artsen gesproken. Wat mij opviel is dat geen van hen rechtstreeks aangaf bekend te zijn met een overactieve bekkenbodem, terwijl de onwetendheid in alle gesprekken duidelijk merkbaar was. Blijkbaar vinden zij het lastig of niet gepast om daarover open te zijn en zich oprecht vragend op te stellen. In sommige gesprekken legde ik de link tussen het overmatig aanspannen van buikspieren (ter voorkoming van pijn in de onderrug i.v.m. mijn scoliose) en mijn overactieve bekkenbodem. Daar werd niet op in gegaan. Ik dacht zelfs een geforceerd zwijgen te bespeuren. Was het ongeloof?

Het was duidelijk dat ik met mijn klachten een vreemde eend in de – orthopedische – bijt was. Vergeleken met de meeste revalidatiepatiënten kan ik nog veel doen om mijn conditie en fysieke gestel op pijl te houden. Ik mediteer, zwem, train in het sportcentrum, doe dagelijks lijfoefeningen, probeer te blijven wandelen en fietsen. Alles rustig, gecontroleerd en kortdurend, maar toch. Als al mijn activiteiten ter sprake kwamen, zag ik lichte verbazing. Waarom zit deze vrouw hier? Al met al voelde ik me een buitenbeentje en ik ging met een onbestemd gevoel naar huis.

Spanning – ontspanning

Toen ik enkele dagen later een brief ontving met het revalidatieplan bleek mijn onbestemd voorgevoel niet helemaal onterecht. In het plan werd mijn revalidatieprobleem als volgt omschreven: “Mw. is overmatig gericht op haar bekkenbodemspanning, waardoor zij handelt op basis van klachten en niet komt tot opbouw van activiteiten, zoals wandelen, zitten staan en fietsen.” Ik herken mij totaal niet in deze probleemomschrijving. Toen mijn bekkenfysiotherapeut het hoorde zei ze direct: “Jij bent niet overmatig gericht op de spanning van je bekkenbodem, maar juist op de ontspanning daarvan. Dat is een essentieel verschil. Jouw gerichtheid op ontspanning is juist heel goed en zorgt ervoor dat het steeds beter met je gaat.”

Door de wijze waarop mijn revalidatieprobleem is beschreven in combinatie met de zeer selectieve beschrijving van mijn persoonlijke factoren, doet vermoeden dat het team in de bespreking een rechtstreekse link heeft gelegd tussen een overactieve bekkenbodem en emotionele, psychische factoren. Zijn zij in de welbekende valkuil “het zal wel voornamelijk psychisch zijn” gekukeld?

Ik besef dat ik teveel invul. Het is moeilijk om niet meteen overal iets van te vinden, te oordelen. Ik neem me voor om niet direct te gaan handelen en alles eens rustig te laten bezinken. Mediteren helpt hierbij.

In gesprek

Voor mij staat overigens onomstotelijk vast dat er een interactie is tussen de geest en het lichaam. Ik weet dat onze denkpatronen en emoties een belangrijke rol kunnen spelen bij gezondheid en ziekte. Bewustzijnsmeditatie geeft hierin ook meer inzicht, dat heb ik ervaren. Naast de inzet van mijn bekkenfysiotherapeut heb ik eigenlijk zelf – door het lezen hierover en het mediteren – mijn helingsproces in gang heb gezet. Door dit diepere inzicht kijk ik anders naar mijn aandoening. Ik pas mijn toekomstige werken en mijn levensstijl aan, in het kader van gezondheid en lichamelijk welbevinden. De verantwoordelijkheid voor mijn eigen welzijn leg ik niet exclusief bij artsen en therapeuten, maar meer bij mezelf, bij mijn eigen inspanningen. Nou ja, ontspanning in dit geval 😉

Teleurstellend is dat het team van de St. Maartenskliniek deze probleemanalyse heeft opgesteld, zonder overleg met de enige echte deskundige op dit gebied: de  bekkenfysiotherapeut. Ondanks dat de revalidatiearts had toegezegd mijn bekkenfysiotherapeut hierin te betrekken en ik het belang daarvan in een aantal gesprekken tijdens de screeningsdag nog nadrukkelijk heb aangegeven. Ik zal dan ook aangeven dat ik, voorafgaand aan de start van mijn revalidatieprogramma, een gesprek wil tussen het behandelingsteam en mijn bekkenfysiotherapeut. Mijn evt. hulpverleners zullen zich moeten verdiepen in mijn aandoening.

Nervositeit en spierspanning: een wisselwerking

9 februari 2012 1 reactie

Er zijn momenten – gelukkig van korte duur – dat ik overmand word door verdriet. Voordat ik te maken kreeg met mijn overactieve bekkenbodem, draaide ik mijn hand niet om voor een nieuwe uitdaging. Handen uit de mouwen, adrenaline door m’n lijf en gaan met de banaan. Totdat het probleem was opgelost en een, voor alle betrokkenen, acceptabel doel was bereikt. Ik ben organisatorisch en planmatig sterk en vind het heerlijk om ingewikkelde zaken te ontrafelen en praktisch gezien in goede banen te leiden.

Nu zie ik nog steeds de uitdaging, maar voel direct in mijn lijf de aanspanning van mijn bekkenbodemspieren. Daar word ik onrustig en nerveus van. Met als gevolg dat mijn spieren nog meer samenkrimpen. Het is kip of ei; spierspanning maakt me nerveus of nervositeit zorgt voor spierspanning. Een confrontatie die moeilijk en pijnlijk is. Ik kan niet anders dan luisteren naar mijn lijf en erkennen dat dit veranderd is.

Een nieuw huis

De komende twee maanden worden hectisch: we hebben nl. ons huis verkocht en een nieuwe woning gekocht. We woonden net 2 jaar in ons prachtige, ruime appartement, maar door mijn aandoening hebben we besloten om onze financiële ruimte te vergroten. Zodat we evt. vermindering van mijn inkomen kunnen opvangen. En we hebben geluk. Ons huis is redelijk snel verkocht en we hebben in hetzelfde complex een appartement kunnen kopen, dat beter aansluit bij onze situatie. Een mooi – nog best ruim en ook spiksplinternieuw – appartement met een prachtig uitzicht op de grote tuin en achterliggende bomen. Wat wil je nog meer!

Juist nu het aankomt op een goede planning en organisatie, op het uitkiezen van een passende keuken, vloer e.d. moet ik bakzeil halen. En hoe goed Gerard en ik dit ook proberen op te vangen, het is onmogelijk om me overal aan te onttrekken. Er zijn dingen die we gewoonweg samen moeten doen.  En een mens kan niet alle knoppen in het hoofd stil zetten; denk alleen maar aan de positieve sensatie van een nieuw huis.

Het is vreemd om nervositeit te voelen opkomen op momenten dat ik normaal gesproken direct in een actiehouding zou schieten. Ik schrik dan van mezelf en voel me op zo’n moment een kwetsbaar vogeltje. En dat terwijl ik ooit gekscherend door de vader en vervolgens de dochter van Gerard als roofvogel ben betiteld! 😉

Aankomende maandag ga ik bijna de hele dag naar de St. Maartenskliniek voor de screening. Aan het eind van de dag hoor ik welke behandeling ik krijg. Er komt veel op me af de komende maanden. Het is belangrijk om daar ontspanning tegenover te stellen. Veel naar de sauna, zwemmen en rust nemen. En zoals Jon Kabat Zinn zegt: het is niet laat het los, maar laat het zijn. Hebben The Beatles daar niet een mooi nummer over geschreven?

Zingen en het onderbuikgevoel

4 februari 2012 Plaats een reactie

Wij mensen denken in oorzaak en gevolg. Het past bij onze neiging om alles te willen verklaren en beheersen. Ik leer nu ook dat ik deze vorm van denken moet loslaten. Mijn aandoening is zo grillig; er is geen touw aan vast te knopen. Bijvoorbeeld verleden weekend. Na een concert met Gloed in de Ooij kregen we een fantastisch diner aangeboden. Dat wilde ik me niet laten ontglippen, dus stretcher mee en maar hopen dat ik – tussendoor liggend – toch kon blijven eten. Uiteindelijk heb ik heerlijk gegeten en zelfs daarna zittend in de auto naar huis gereden (alcohol verdoofd ook, trouwens … ). Helaas zijn er nog teveel dagen dat ik – zonder enige aanleiding –veel spierspanning en dus pijn heb. Dat is de grilligheid van een chronische ziekte vertelde mijn bekkenfysiotherapeut; daar zal ik aan moeten wennen.

Het feelgoodhormoon

Ik heb wat afgezongen in mijn leven. Als kind zong ik – tot ver in de pubertijd – iedere avond in bed. De hele top 40 kwam voorbij. Tijdens het zingen schudde ik, op het ritme van de melodie, mijn hoofd heen en weer op het kussen; van links naar rechts, van rechts naar links etc. Totdat mijn moeder op de deur klopte en vroeg of het wat stiller kon. Ik zong in het meisjeskoor, tijdens de afwas samen met mijn broer, bij de gitaar van een vriend. Zonder dat ik het besefte heb ik ervaren dat zingen helend en ontspannend werkt. Het lucht op en geeft vrolijkheid.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat zingen heel gezond is. Het is een geweldige manier om je longen en hart te trainen. Je bloed gaat sneller stromen en je hartslag gaat omhoog. Je lichaam produceert endorfines, die zorgen voor een goed gevoel. Daarnaast verbetert het de longcapaciteit, de houding en verhoogt het de alertheid door een betere toevoer van zuurstof. Zingen zorgt voor stevige spieren van je buik en rug. Tja … daar zit bij mij dan weer de valkuil. Maar gelukkig lees ik dan ook dat zingen de productie van het hormoon oxytocine verhoogt, wat een pijnstillend effect kan hebben! 😉

Hoe dan ook: zingen en met elkaar musiceren is goed voor mij. Wanneer ik zing is mijn buik ontspannen, want met een strakke buik kun je niet zingen, dat weet iedere zanger. Met een ontspannen buik is je stem krachtiger en resoneert het gevoel dat je in de zang legt. Je lichaam wordt als het ware een verfijnd afgestemd instrument dat intentie weet om te zetten in vibratie en klank. Het is een heerlijk gevoel!

Zangoefeningen doen is momenteel wel lastig. Het lukt niet om met technisch gerichte oefeningen mijn buik en dus mijn bekkenbodem te ontspannen. Maar zonder zangoefeningen vooraf zijn alle holtes niet goed open en is mijn stem niet soepel genoeg. Het is dus nog een zoektocht hoe ik hier mee om moet gaan.

Het onderbuikgevoel

Ik besef nu wat ik door het krampachtig inhouden van mijn buik heb veroorzaakt. De belangrijkste reden was het voorkomen van onderrugpijn (door mijn scoliose). Maar ik vond een strakke buik ook simpelweg veel mooier. Nu zie ik in dat een gezonde en krachtige vrouwenbuik rond, zacht en soepel is. En ondanks dat ik altijd een sterke intuïtie heb gehad vraag ik mij af of ik – door mijn krampachtig ingehouden buik – wel genoeg bij mijn buikgevoel kon komen.

In het blad Happinez las ik een artikel over het boek ‘Angels in boots’ van Viram Wijnhoven (leraar oosterse bewegingsvormen en meditatie). Zijn boek gaat over het onderbuikgevoel. Die lichte sensatie die omhoog komt en je op subtiele wijze waarschuwt of in een bepaalde richting duwt. Vaak komt ons logisch verstand er tussen en constateren we achteraf dat we het wel wisten, maar niet hebben geluisterd naar deze boodschap.

Ik las dat volgens wetenschappers er in onze buik een ‘tweede brein’ zit – wat verklaart waarom onze buik zo wijs is. Onze beide breinen blijken precies dezelfde type neuronen te bevatten, waardoor ze niet alleen in staat zijn impulsen te ontvangen en te versturen, maar ook ervaringen kunnen onthouden en kunnen reageren op emoties. Wat westerse onderzoekers recent ontdekten, is oud nieuws voor de Chinezen. Vijfduizend jaar geleden wisten taoïstische genezers al dat we de onderbuik als een bewust brein kunnen gebruiken. Maar wanneer we te weinig vertrouwen op ons gut-gevoel, dan wordt de buik koud en raken onze hersenen oververhit.

Taoïsten draaien het dan ook om: ze beoefenen de kunst van een koel hoofd en een warme buik. Pas wanneer het vuur in de onderbuik brandt, kunnen onze ‘gewone’ hersenen optimaal functioneren. Contact met het tweede brein is zo belangrijk omdat dit de woonplaats is van onze intuïtie, onze raadgever. Taoïsten raden ons aan om bij het nemen van belangrijke beslissingen niet zozeer naar ons verstand te luisteren, maar naar onze buik. Onze verstandelijke vermogens staan dan in dienst van deze innerlijke raadgever en niet andersom, zoals zo vaak het geval is. Vanaf nu probeer ik te luisteren naar mijn buik.